onderwijsvormen

Het algemeen secundair onderwijs (ASO)

In het algemeen secundair onderwijs krijg je een brede theoretische vorming die je niet rechtstreeks voorbereidt op een beroep. Handenarbeid komt in deze onderwijsvorm niet aan bod.

Deze studierichtingen bereiden je voor op hoger onderwijs. Je krijgt alleen algemene vakken (economie, talen, wiskunde, wetenschappen...)

De benamingen van de studierichtingen geven de belangrijkste klemtonen aan.

Het beroepssecundair onderwijs (BSO)

In het beroepssecundair onderwijs leer je vooral praktische beroepskennis aan. Je krijgt weinig algemene vakken. De klemtoon ligt meer op de praktijk dan op de theorie. Je doet het zelf, probeert zelf en je krijgt zo ervaring in het beroep.

Deze onderwijsvorm bereid je voor op de uitoefening van een beroep. De opleiding is niet bedoeld als voorbereiding op het hoger onderwijs. Je kan na het zesde jaar nog een specialisatiejaar volgen en zo het diploma secundair onderwijs behalen.

Het buitengewoon secundair onderwijs (BuSO)

Het buitengewoon secundair onderwijs is er voor leerlingen die niet kunnen aansluiten in het gewoon secundair onderwijs. Het verschilt vooral van het gewoon secundair onderwijs door:

  • de kleinere klassen en kleinere werkplaatsgroepen
  • de speciale omkadering
  • de soepele opvangmogelijkheden
  • de planning en de duur van de opleiding is meer aangepast aan de leerling

 

 

Het kunstsecundair onderwijs (KSO)

Het kunstsecundair onderwijs heeft een kunstgericht karakter. Naast een brede algemene vorming leer je er actief kunst beoefenen (schilderen, musiceren, fotograferen...)

Naast de theorie over de kunsttechnieken komt de praktische kunstbeoefening aan bod. Zo leer je de kunst begrijpen en aanvoelen.

Ook in het KSO zijn er sterk theoretisch gerichte studierichtingen, bedoeld als voorbereiding op het hoger onderwijs. Andere studierichtingen in het KSO leggen meer de klemtoon op de kunstbeoefening als voorbereiding op een beroep.

Het technisch secundair onderwijs (TSO)

In het technisch secundair onderwijs krijg je naast een algemene vorming ook technische vakken en praktijkvakken.

Binnen het TSO bestaan veel studierichtingen. Ze zijn erg verschillend van inhoud: meer gericht op theorie of meer gericht op praktijk. Ze zijn ook erg verschillend in bedoeling: wel of niet voorbereiden op het hoger onderwijs. Studierichtingen met meer uren praktijk bereiden je meer voor op een beroep. Studierichtingen met meer algemene en theoretisch-technische vakken bereiden je meer voor op het hoger onderwijs.